zondag 7 juni 2015

De kunst van het stukje schrijven


Stukjes schrijven, artikelen, verslagen, reportages, portretten, profielen, nieuwsverslag, aankondiging, noem maar op. Doe jij het wel eens? Of is het één van je talenten? Misschien heb je er een hekel aan, of juist niet. Wellicht zit je s ’avonds achter je bureau zomaar wat te typen. Of ben je meer van op het internet surfen? Dat is niet zo aan mij besteed. Ik doe dat eigenlijk maar zelden. Maar wacht eens even. Ik hoor een sirene. Het komt steeds dichterbij. Ik kijk uit mijn raam, dat ik nodig weer eens moet zemen, en zie een politieauto voorbij scheuren. De zon schittert in de kreek. Kort daarna stopt het indrukwekkende geluid. Even kijken op internet. Mijn nieuwsgierigheid moet dringend bevredigd worden. Sorry hoor, het duurt maar heel even. Dit gaat voor. Even kijken bij de 112 meldingen. Ambulance, wacht nee, politie, die moet ik hebben. Politie naar Jacob Oliestraat in Azewijn. Dat is in de Zuidpolder. Nee. Ik zit verkeerd. Sorry. Dat is nog van 10 april. Dat is de recentste melding. En het is nu….21 april. We zitten weer al wat verder in de maand. Jeetje, wat gaat dat toch snel hè? Het is weer al bijna mei. Heerlijk.

“Een column? Wat houdt dat eigenlijk in?”

De graskanten zullen binnenkort een spectaculaire metamorfose ondergaan van een grauwe groene winterkleur naar zomers frisgroen met tapijten van de weelderigste zomerbloeiers met wolken van parfum. Als je dan gaat wandelen, of fietsen, wat je wilt natuurlijk, voel je je de koningin (of koning) te rijk, zo tussen al die prachtige kleuren. Afgelopen zondagochtend nog, trimde ik zowaar door  prachtige polders met zijn idyllische vergezichten en magnifieke populieren. Tussen deze enorme bomen, bloeiden tapijten van paarse bloemetjes, ik denk hondsdraf, maar weet het niet zeker. Wacht. Ik  zoek het even op. H o n d s d r a f, Wikipedia, ja, hier staat het. ‘Hondsdraf is een kruipende, geurende plant die behoort tot de lipbloemenfamilie’. En hier hebben we het: ‘De plant bloeit van maart tot juni met paarsblauwe bloemen’. Ik kijk nog even naar het blad. Want daarmee kun je de bloem het beste determineren. Het blad is behoorlijk gekarteld en niervormig. Ja, daar heb ik, afgelopen zondag, tijdens mijn trimrondje, niet meer naar gekeken. Zal ik de volgende keer eens doen. Maar goed. Stukjes schrijven. Daar hebben we het over. Het is belangrijk dat je de juiste informatie ontvangt van de persoon waar het stukje over of voor geschreven moet worden. Daarnaast moet je de sfeer goed kunnen overbrengen, gerichte vragen stellen, is dan noodzakelijk. Hetgene wat er wordt verteld, moet je ook goed kunnen vertalen naar geschreven tekst. Wat is de essentie? Wat moet de lezer weten? Wie is de doelgroep? Wat is het doel van je tekst? Die vragen moet je jezelf allemaal stellen voordat je aan een stukje begint. En dan hebben we natuurlijk ook nog de column. Maar dat is weer een ander verhaal. Daar heb ik geen kaas van gegeten…een column? Tja. Eerst maar eens kijken wat dat inhoudt…

zaterdag 25 april 2015

Goedkoop of duurkoop?

Tekst: Cora Verhelst

De cursor knippert. Het blad van mijn scherm is nog maagdelijk wit. Wacht maar eens. De stroom aan woorden zal spoedig vloeien, als wijn dat wordt ingeschonken in een kristal helder glas. Dit wordt één van mijn mooiste, beste, meest legendarische, sfeervolste, spannendste, bijzonderste en meest fantastische blog! Dit gaat een succes worden! Ik hoop niet gestoord te worden, want elke prikkel zorgt voor een verminderde concentratie. Wacht, mijn vriend zegt wat. Wat? Wat vind je zo slecht niet? De plank voor de eekhoorn, voor onder het voederhuisje. Wat? Zwart gemaakt? Hè? Zwart gemaakt? O ja, je hebt de plank zwart gespoten. Nee, geeft niet. Het eekhoornhuisje is nu toch klaar, overal voer, op de plank, in het huisje. Als hij maar komt. Wie? O ja, de eekhoorn. Wat zeg je? Straks lekker douchen, zegt hij. Ik neem een slok melk, voor extra concentratie en inspiratie. Ik wacht tot het komt…ik hoor de afwasmachine ritmisch ronken, auto’s rijden af en toe voorbij. Wacht eens even, er schiet mij wat te binnen. Had ik je al verteld dat we afgelopen weekend een paar daagjes aan de kust hebben verbleven? Toen we daar waren, zijn we gaan fietsen langs slingerende dijkjes en glooiende duinen en op de achtergrond een ruisende zee.
,,Tweehonderddertig duizend?! Laat maar zitten, die frambozen. Ik koop ze wel op de markt voor 2 euro dertig. Net zo lekker.''
 
En ineens, zagen we een bord. Te koop, stond erop. Het hoorde bij een huisje onderaan een dijk. De woning netjes verzorgd, met een schuur en ruimte voor een moestuin. Je kijkt zo het land in. Heerlijk! Wat een vrijheid! En vlak bij het strand. Ideaal om even uit te waaien. Ik zie me er helemaal zitten. Beetje tuinieren, beetje groente en fruit kweken. Wat dacht je van worteltjes, boontjes, frambozen. Heerlijk, verse frambozen voor in de yoghurt of op een hete zomerdag op een ijsje. Met wat slagroom, natuurlijk. Mmmm. Hoeveel kost dat huisje? Even kijken. Even googlen. Liniedijk, Versvliet. Internet zoekt het even voor me op. Wacht, hier heb ik het; 230! Nee! Tweehonderdertig duizend?! Laat maar zitten, die frambozen. Ik koop ze wel op de markt voor 2 euro dertig. Net zo lekker. En een stuk goedkoper! Maar goed. Ik dwaal weer helemaal af. Weer terug naar mijn blog. Het spannendste moet nog komen. Maar wacht even, hoe laat is het? Acht uur? Het weer begint zo. Ik zet even de tv aan. Sorry hoor, ik moet het weer zien. Even kijken of het zomers wordt morgen en ik toch echt dat ijsje kan gaan eten met die heerlijke frambozen. Sorry, dat spannende item heb je echt nog van mij tegoed. Maar dan wel in een volgende blog. Nog even geduld…
Copyright Corawriter 2015

donderdag 27 november 2014

Gerberoy: een dottig dorpje



We gaan binnenkort op vakantie. Naar Gerberoy. Ken je dat? Gerberoy? Nee? Je wilt me toch niet vertellen dat je daar nog nooit van gehoord hebt? Wat erg! Cultuurbarbaar! Toegegeven, ik in eerste instantie ook niet. We reden er altijd aan voorbij. Aan dat Gerberoy. Stom eigenlijk. Maar we wilden ver, naar het zuiden, richting de zon. En toen ineens, wilde ik dat niet meer. Urenlang in een auto, in de brandende zon. Helemaal afgepeigerd aankomen in een snikheet dorpje, bomvol toeristen. Om bij de boulangerie binnen te gaan, moest je bijna met je ellebogen aan de slag. Ik wed dat er nog steeds Fransozen en andere toenmalige toeristen rondlopen met blauwe plekken in hun taille, of in hun rug. Maar goed, toen had ik toch maar besloten om niet meer zo ver te gaan. Was het niet mogelijk om dichtbij een leuke en sfeervolle vakantie te vieren? Mijn enige criteria waren een boulangerie en een supermarkt met Franse wijnen en kazen, wat gezellige idyllische dorpjes en velden met zomerbloeiers.   
,,Nu maar hopen dat we dat ‘minuscule dotje’ niet zomaar voorbij rijden!’’
 Verder heb ik geen eisen, echt niet. En toen ineens las ik over Gerberoy. Gerberoy, dacht ik nog, net als jou, nog nooit van gehoord! Maar toen ik het volgende over dit Franse idyllische dorpje las, dacht ik, daar moet ik naar toe! Dit jaar nog! Maar nu weet je natuurlijk nog steeds niet wat voor dorpje het is, en waar het ligt. Nou, het ligt in Picardië, in Noord-Frankrijk om precies te zijn, maar 300 kilometer rijden vanaf onze woonplaats. Dus geen urenlange reistijd, dit betekent lekker fris aankomen en stokbrood kopen in een ‘toeristenarme’ boulangerie. Ik zag het zomaar in een Michelingids staan. Er werd gesproken over een minuscuul Middeleeuws vestingplaatsje met een duizend jaar oude geschiedenis, en het is een van de mooiste dorpjes  van Frankrijk. Honderden rozenstruiken tooien de 17e en 18e eeuwse vakwerkhuizen. Het is een ‘dot’ van een dorpje, zo staat er verder in de tekst, inclusief schitterende Italiaanse tuin. Nu maar hopen dat we dat ‘minuscule dotje’ niet zomaar voorbij rijden!
Word vervolgd!
Corawriter 2014 ©

woensdag 17 september 2014

Zomers herfstcadeautje


Gehakkelde aurelia op hemelsleutel

We krijgen het zomaar voor niets. Het is een cadeautje. Die laatste mooie, warme en rustige nazomerdagen met van die prachtige geschulpte witte wolken aan de horizon, als uit een oud Hollands schilderij. En terwijl ik over het bospad loop, ben ik mij bewust van al mijn zintuigen. Blaadjes dwarrelen naar beneden, krakend vers. Of kan ik beter zeggen: krakend oud. De zon voelt als een warme deken om mij heen, terwijl bijzonder veel vlinders rond mij heen fladderen. Het stond gisteren ook in de krant: ‘Dagvlinders pieken nog even, door een aangename zomer’.
 Een zacht briesje strijkt langs mijn huid en ik zie één, nee wat zeg ik, twee, zelfs drie eekhoorns! Moest je vroeger naar de Veluwe om deze grappige springers te zien, nu kom je ze zelfs bijna in je achtertuin tegen. En weet je nog, je pakte toen snel je – voor nu ouderwetse - fototoestel, gelukkig zat je rolletje er al in gekruld, en snel maakte je een foto van die eekhoorn om trots aan het thuisfront te laten zien. Je ooms en tantes, broers en zussen, vader en moeder zag je dan speurend de foto bekijken, zoekend naar die eekhoorn, die er dan als bruin vlekje met twee bruine oogjes op stond. Nu kun je er bij wijze van spreken in je eigen omgeving bijna tikkertje mee spelen.
Verder kuierend in dit warme naar de herfst geurende decor zie ik bomen met goudgele kronen met op de voorgrond gele bloemen en weelderige bosjes met rode besjes. Zo verleidelijk dat ik er wel van zou willen snoepen. Maar wellicht zijn ze giftig, dus beter maar niet doen. Want morgen komt er weer zo’n dag! En die wil ik niet missen! 
 

© Corawriter 2014

maandag 15 september 2014

Het flirterig vetplantje

Waag jij je er ook wel eens aan? Aan een beetje flirten? Net dat ene blote been wat meer zichtbaar wanneer je ze over elkaar heen slaat bij de lunch met die knappe mannelijke collega. Of dat ene knoopje van je bloesje openlatend. Een verleidelijke knipoog aan die onbekende knappe taxichauffeur. Of in de garderobe een briefje in je baas zijn jaszak steken met de tekst: ‘Je ziet er goed uit vandaag!’ Je bedoelt er eigenlijk niets mee. Het is alleen maar even spelen, en wellicht dat je die andere persoon een goed gevoel geeft. Hij gelukkig en jij hebt op die saaie doordeweekse werkdag een frivool momentje geïntegreerd. Maar soms lopen dingen ook anders dan je gewild zou hebben. Soms is het helemaal je bedoeling niet geweest dat je been zo verleidelijk er uit zou zien of dat die ene liefdesbevestiging bij die persoon terecht kwam.
Zo werkte ik als zorgverlener en kwam ik bij de mensen thuis. Elke week een bezoekje bij een viertal vaste mensen. Je groeit naar elkaar toe en als het klikt, klikt het. Om de samenwerking en de gemoedelijke sfeer te bevorderen, zorg je voor kleine attenties. Bijvoorbeeld een kaartje met hun verjaardag, of een cadeautje. Zo kwam ik  bij een meneer, altijd correct en deftig gekleed. Zijn verjaardag naderde. Ik kocht een onderhoudsvriendelijk plantje in een leuk potje. Hij was er echt blij mee, zijn verjaardag moest nog komen, en ik mocht het op de salontafel zetten. De familie zou de volgende dag een biertje komen drinken om te toosten. Een week later toen ik op het vaste tijdstip hem weer een bezoekje bracht, voelde ik een zekere afstand. Ik begreep het niet zo goed, had ik iets verkeerd gezegd? We hadden afgesproken dat ik het plantje zou begieten. Ik pakte het op en nam het mee naar de keuken, de meneer achterlatend, verscholend achter zijn puzzelboek. Toen ik het oppakte en op ooghoogte hield, zag ik de volgende tekst aan de zijkant van het potje: ‘LOVE, I haven fallen in love with you’. Tja, de volgende keer maar goed het potje bekijken alvorens het als cadeautje weg te geven…


© Corawriter 2014